Examentips juni
Kosmografie
- Zorg dat je kan uitleggen hoe GPS-plaatsbepaling werkt.
- De oerknal is NIET hetzelfde als het ontstaan van het zonnestelsel. Hou ze bij het studeren goed uit elkaar, en denk er rustig over na op het examen!
- Let op het verschil tussen kometen en meteoren/meteorieten.
Atmosfeer
- Zeer belangrijk: model van globale luchtcirculatie. Let op de verschuiving van de drukgordels doorheen het jaar (door de schuine stand van de aardas op het eclipticavlak...).
- Je krijgt in de les aanwijzingen die je kan gebruiken om te verklaren waarom een klimaattype op een bepaalde plaats voorkomt. Zorg dat je deze goed kan toepassen.
- De indeling van de atmosfeer volgens temperatuurverloop is belangrijk. Ook de eigenschappen van de verschillende lagen moet je goed kennen.
- Invloed van verschillende factoren op de temperatuur (bv. ligging t.o.v. land/zee; ligging in drukgordel van de globale luchtcirculatie; aanwezigheid van warme of koude zeestromen...)
- Weerkaarten
- Symbolen en hun betekenis kennen
- Afleiden van weersomstandigheden van een weerkaart (bewolking, windrichting...)
- Weerkaart en satellietbeeld aan elkaar kunnen linken
- Oefeningen die we maken grondig herbekijken
- Tip: kijk een aantal keer aandachtig naar het weerbericht (kan bv. via www.vrtnu.be, zoek naar 'weerbericht'). Bestudeer aandachtig de weerkaart. Probeer zelf te voorspellen: welke bewolking zal er zijn, zal het hard waaien of niet, wat is de windrichting...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten